Ik kan nog steeds overvallen worden door een gevoel van ongeloof. Ongeloof in de zin van; Hoe is het mogelijk? Hoe bestaat het? Hoe dan?

Dan kijk ik naar buiten en zie mensen voorbij lopen. Ik vraag me dan soms af hoe het toch kan bestaan dat ik niet meer op diezelfde manier kan lopen. Ongeloof over dat lijf dat niet meer als vanzelfsprekend doet wat ik wil. Zelfs na 18 jaar MS heb ik zoveel functies van mijn lijf als vanzelfsprekend ervaren. En dan ineens is die vanzelfsprekendheid weg, verdwenen, foetsie. Ik blijf het als onwerkelijk ervaren dat ik van het ene op het andere moment een weigerend lijf heb op nagenoeg alle gebied.

Weigerend lijf…

Als ik ’s morgens wakker word, is mijn weigerend lijf meteen duidelijk aanwezig. Niet die benen uit je bed gooien en opstaan, maar voelen dat je benen stram en stijf zijn en tijd nodig hebben om uit dat bed te komen. Nog voor ik opsta begint de eerste confrontatie met mijn weigerend lijf dus al. Iedere dag geconfronteerd worden met dat nieuwe lijf is best ‘een ding’. Soms berust ik er in, soms voel ik verdriet, boosheid, angst of strijdlust. Alle emoties komen voorbij, soms meerdere tegelijk. Zeker als ik me realiseer dat ik vast zit in dat weigerend lijf, er is geen ontkomen aan.

Zullen we ooit vrienden worden?

Vrienden worden met je weigerend lijf lijkt dan de voor de hand liggende oplossing. Maar hoe doe je dat, vrienden worden met je lijf dat je min of meer gijzelt. Zou er voor gijzeling van je lijf door MS ook een soort van stockholmsyndroom bestaan? (Het stockholmsyndroom houdt in dat de gegijzelde sympathie voor de gijzelnemer krijgt) En wil ik dat wel… vrienden worden met MS? Sympathie voelen voor MS? Dacht het niet. MS pakt alles ongevraagd van me af, niks sympathieks aan. Maar de strijd aan gaan met MS is een zinloze actie die me alleen maar energie kost en vooral niets oplevert. Accepteren dan misschien? Voelt ook zo als niks. ‘Ik heb een kut-leven door MS en daar doe je niks aan’. Inderdaad er is niks aan te doen, maar gelukkig is er wel meer in mijn leven dan alleen MS.

Fluisteringen…

Na mijn laatste schub in maart 2020 ben ik zeker geen vrienden met mijn lijf. Daarvoor nam ik mijn lijf eerlijk gezegd wel voor lief. Schonk er niet zo’n aandacht aan. Mijn lijf deed over het algemeen waar het voor bedoeld was. Na 18 jaar ms en de nodige schubs (lees waarschuwingen van mijn lijf) heeft mijn lijf de deur dicht gegooid. ‘Wie niet horen wil moet maar voelen.’ Daar waar mijn lijf eerst nog fluisterende waarschuwingen gaf, heb ik niet geluisterd.

Mijn tip voor iedereen, met of zonder chronische ziekte: ‘Luister naar het fluisteren van je lijf zodat het niet hoeft te schreeuwen’. Deze tekst kwam ik laatst ergens tegen en ik realiseerde me dat ik niet naar dat fluisteren van mijn lijf heb geluisterd en dan rest er voor je lijf niets anders dan te schreeuwen.

Ik wil overigens vooral niet de indruk wekken dat ik geen MS had gekregen als ik beter naar mijn lijf geluisterd had. Ik had het mijn lijf wel wat makkelijker kunnen maken. Door voortschrijdend inzicht lijkt me luisteren naar de signalen van je lijf altijd beter dan die signalen te negeren. Of je nu een chronische ziekte hebt of niet.

Groet Els